Kinderinfectieziekten & immunologie

Terug

 

Immunoglobuline, intraveneuze toediening

 

Doel

Het toedienen van immuunglobulinen bij patiënten met een afweerstoornis om het risico op infecties te verlagen.

Andere redenen zijn als immuunmodulatie bijv. bij hematologische, neurologische of reumatische aandoeningen – maar dan gaat het vaak om heel andere dosering en vaak kortdurend.

 

Benodigd materiaal

  • Immunoglobulineconcentraat  voor  i.v.  gebruik: verschillende  preparaten  zijn beschikbaar.
  • Overloopnaald of codanset (naald,-naald koppelsysteem).
  • Beluchtingsnaald.
  • Infuus-pomp met infuusbenodigdheden.
  • Fixatiemateriaal (Tegaderm en leukoplast, evt. spalk).
  • Eventueel benodigdheden voor bloedafname uit infuus.
  • Dynamap.

 

Werkwijze algemeen

De inloopsnelheid is afhankelijk van het gewicht van de patiënt  en de hoeveelheid toe te dienen immunoglobuline.

Infuus inbrengen volgens Document ID I.07.02 met NaCl 0,9%.

Eventuele bloedafnames kunnen via het infuus worden afgenomen.

Laat  30  ml.  NaCl  0.9%  snel  inlopen  om  het  infuussysteem  te  vullen  met immunoglobulines.

Laat daarna de immunoglobulines inlopen volgens de door de arts afgesproken snelheid, hierbij wordt een onderscheid gemaakt in 1ste , 2de gift en overige giften.

Indien de 1ste en 2de gift goed verlopen, overgaan op toediening overige giften.

 

Controles voor de eerste gift

Vóór 1e gift: altijd P / RR / T (als uitgangswaarde).

Bij 1e en 2e gift ook controle P / RR / T 15 en 60 minuten na starten.

Bij toediening wordt onderscheid gemaakt tussen een concentraat van 5% en een concentraat van 10%

 

Toediening concentraat 5% (bv Nanogam®, Gammagard®, Octagam®), toediening 1e en 2de gift

Infuus  inloopsnelheid:

20 minuten : 0,5 ml/kg/uur

20 minuten : 1,0 ml/kg/uur

De resterende hoeveelheid:  3,0 ml/kg/uur

 

Toediening overige giften (bij goede tolerantie 1e en 2e gift)

Infuus  inloopsnelheid:

20 minuten : 0,5 ml/kg/uur

20 minuten : 1,0 ml/kg/uur

De resterende hoeveelheid:  tot maximaal 7,0 ml/kg/uur (afhankelijk van tolerantie patiënt)

 

Toediening concentraat 10% (bv Kiovig®, Privigen®), toediening 1e en 2de gift

Infuus  inloopsnelheid:

30 minuten : 0,5 ml/kg/uur

30 minuten : 1,0 ml/kg/uur

De resterende hoeveelheid:  3,0 ml/kg/uur

 

Toediening overige giften (bij goede tolerantie 1e en 2e gift)

Infuus  inloopsnelheid:

30 minuten : 0,5 ml/kg/uur

30 minuten : 1,0 ml/kg/uur

De resterende hoeveelheid:  tot maximaal 6,0 ml/kg/uur (afhankelijk van tolerantie patiënt)

 

Bijwerkingen

De meest voorkomende bijwerkingen zijn:

  • Hoofdpijn.
  • Temperatuurstijging.
  • Vermoeidheid.
  • Versnelde hartslag.
  • Huiduitslag.
  • Gewrichtspijn.
  • Misselijkheid/braken.
  • Lage bloeddruk.

Deze klachten verdwijnen doorgaans binnen 24 - 48uur.  Bijwerkingen kunnen veelal voorkomen worden door het infuus langzamer in te laten lopen.

 

Belangrijk

De immunoglobuline toedienen op kamertemperatuur. Patiënten aansporen om goed te drinken voor, tijdens en na infusie.

Zonodig (als de conditie van de patiënt dit toelaat) extra NaCl 0,9% geven tegelijkertijd met het inlopen van de immunoglobuline.

 

Bij erge hoofdpijn na de infusie eventueel Paracetamol vóór infusie te geven. NB: De combinatie van een versnelde hartslag, lage bloeddruk en misselijkheid kunnen wijzen op een (zeer) heftige aanval van overgevoeligheid (anafylactische shock): in dit geval dienen de volgende acties in gang gezet te worden: infuus onderbreken en overgaan op NaCl 0,9% (fysiologisch zout) 15 ml/uur; arts waarschuwen; onder bereik houden (hoeft niet opgetrokken klaar te liggen): Prednisolon, Clemastine (Tavegil),  Epinefrine. Anafylactische reacties zijn zeldzaam.

 

CAVE

Wanneer, per vergissing, een immunoglobulinepreparaat voor s.c.- of i.m.- gebuik intraveneus wordt toegediend, is er hoog risico op anafylaxe. Stop onmiddellijk de toediening en waarschuw de arts.

 

Opmerkingen

De behandelaar noteert de hoeveelheid toe te dienen immunoglobulines in EPIC.

Immunoglobulines die binnen 6 maanden worden gebruikt hoeven niet in de koelkast te worden bewaard.

Registratie van de toegediende immunoglobulines (plakken van etiketten met charge-nummers, hoeveelheid + datum van toediening) vindt plaats op het Registratieformulier houdbare bloedproducten van de Apotheek.

De patiënt heeft een logboekje, waarin bijzonderheden rond de gift kunnen worden genoteerd, en waarin de stickers met lotnummers van de immuunglobulines geplakt worden.

 

Inhoudsdeskundigen

Riet Strik-Albers, verpleegkundig specialist.

Michiel van der Flier, kinderarts- infectioloog/ immunoloog.

Stefanie Henriet, kinderarts- infectioloog/ immunoloog.

Koen van Aerde, kinderarts fellow kinderinfectieziekten en immunologie.

 

Datum

24-11-2015

 

Terug